Oscar Piastri hield gemengde gevoelens over aan de Grand Prix van Azerbeidzjan. De McLaren-coureur leek lange tijd op weg naar een podiumplaats, maar een kostbare fout in bocht één deed zijn kansen de das om. Hij finishte uiteindelijk als veertiende.
Het resultaat was extra zuur, aangezien Piastri zich gedurende het weekend juist beter voelde in de McLaren. De Australiër zag in Bakoe duidelijke vooruitgang, na eerder dit seizoen moeite te hebben gehad met de nieuwe generatie F1-auto’s.
Tot aan zijn fout reed hij stevig in de punten en leek een podium haalbaar. Uiteindelijk bleef McLaren zelfs helemaal puntloos achter, nadat teamgenoot Lando Norris de finish niet haalde.
Voor Piastri kwam zijn fout in bocht één onverwacht. De McLaren-coureur verdedigde zich tegen Isack Hadjar toen beide voorwielen vrijwel direct blokkeerden, waardoor hij rechtdoor moest.
“Met deze auto’s voelt het alsof je de hele tijd op 101 procent moet rijden.”
“Ik moet ernaar kijken, want het was een beetje vreemd dat beide voorwielen meteen blokkeerden,” zegt Piastri na afloop tegen de media. “Ik had niet het gevoel dat ik iets heel bijzonders deed.”
Hij voegt eraan toe: “Natuurlijk reed ik op een andere lijn dan normaal, omdat ik aan het verdedigen was. Het verraste me in ieder geval.”
Piastri zag vervolgens een groot deel van het veld passeren en kon door de beschadigde banden nauwelijks nog iets beginnen. Toch wil hij de positieve kanten van het weekend niet vergeten.
“Over het algemeen zou ik niet noodzakelijk zeggen dat ik me comfortabeler voelde, maar ik heb wel meer rondetijd uit de auto kunnen halen,” legt hij uit. “Ik heb beter begrepen welke richting ik op moet, vooral met mijn eigen rijstijl.”
Piastri vond zijn optreden in Azerbeidzjan, afgezien van de fout, veel dichter liggen bij wat hij van zichzelf verwacht. “Het voelde veel meer als een weekend op het niveau dat ik van mezelf verwacht,” stelt hij.
“Van die kant was het dus veel bemoedigender. Het is alleen natuurlijk pijnlijk dat ik er uiteindelijk nog niets voor heb om te laten zien.”
Ook voordat de fout plaatsvond, wist Piastri dat zijn podiumplaats moeilijk te verdedigen zou worden. Max Verstappen was hem na de Safety Car al voorbijgegaan.
Uiteindelijk kwam Isack Hadjar eveneens sterk opzetten. “Toen Max eenmaal voor me zat, wist ik dat ik hem waarschijnlijk niet meer terug zou pakken,” vertelt Piastri.
“Het zou interessant zijn geweest om te zien of ik Hadjar achter me had kunnen houden. Eerlijk gezegd denk ik dat dat behoorlijk lastig was geworden.”
Een deel van de verklaring zoekt Piastri in de eigenschappen van de huidige Formule 1-auto’s. Volgens de Australiër moeten coureurs veel dichter tegen de absolute grens rijden dan met de vorige generatie.
“Het is absoluut anders dan wat we de afgelopen jaren hadden, en vooral anders dan vorig jaar,” legt hij uit. “Met de vorige auto’s reed je, vooral tijdens de race, eigenlijk op 99 procent en moest je de banden een beetje verzorgen.”
Dat is volgens Piastri in 2026 volledig veranderd. “Op 99 procent rijden was toen de snelste manier,” vervolgt hij. “Met deze auto’s voelt het alsof je de hele tijd op 101 procent moet rijden.”
“Zodra je dat niet kunt, verlies je ontzettend veel tijd.” Daarmee verklaart hij waarom kleine verschillen in vertrouwen tegenwoordig grote gevolgen kunnen hebben voor rondetijden.
In Bakoe lukte het Piastri naar eigen zeggen beter om dat uiterste niveau te bereiken, ook al voelde de McLaren daardoor niet noodzakelijk comfortabeler aan.
“Daarom zeg ik dat ik me dit weekend niet per se comfortabeler voelde, maar ik kon die 101 procent wel wat gemakkelijker bereiken,” benadrukt hij.
“Ik heb dit weekend dus zeker een aantal interessante dingen geleerd die ik mee kan nemen naar de volgende races.”


