De terugkeer van de Formule 1 naar Nederland leek jarenlang een onbereikbare droom, maar achter de schermen waren Circuit Zandvoort en Formula One Management (FOM) al veel verder in hun plannen. Circuitdirecteur Robert van Overdijk blikt terug op de cruciale periode waarin een vertrouwelijke brief van toenmalig F1-topman Chase Carey plotseling uitlekte. Dit lek bracht de plannen voor een Nederlandse Grand Prix in een stroomversnelling.
Het uitlekken van de brief kwam op een uiterst gevoelig moment. Zandvoort was op dat moment nog volop bezig met het onderzoek naar de benodigde aanpassingen voor een Grand Prix en een definitieve plek op de kalender was nog verre van zeker. Tegelijkertijd woedde in Nederland een brede discussie over de meest geschikte locatie voor een Formule 1-race, waarbij Assen zich nadrukkelijk als kandidaat meldde. Zandvoort wist echter achter de schermen al dat de Formule 1-organisatie een duidelijke voorkeur had uitgesproken.
Van Overdijk herinnert zich nog levendig hoe hij in november 2018 werd gebeld door toenmalig journalist Jaap de Groot. De Groot had een belangrijke brief onder ogen gekregen en kondigde aan deze de volgende dag op de voorpagina te plaatsen. De journalist meldde dat Zandvoort een voorcontract met de Formule 1 had getekend.
“Ik zei: Jaap, daar doe je ons geen plezier mee. We zitten echt nog in een heel precaire situatie en zover zijn we nog niet.”
De publicatie kwam voor Zandvoort op een bijzonder ongelukkig moment, en de circuitdirecteur probeerde de publicatie nog af te remmen. De journalist liet echter weten dat hij het verhaal toch zou brengen, ondanks zijn begrip voor de situatie. Een dag later moest Zandvoort halsoverkop een persconferentie organiseren, omdat de publieke belangstelling explodeerde.
Het nieuws over de Nederlandse Grand Prix lekte dus te vroeg uit. Opvallend was dat de precieze inhoud van de brief aanvankelijk grotendeels buiten beeld bleef, wat een nationale discussie over de ideale locatie voor de race aanwakkerde. Van Overdijk legt uit dat Zandvoort niet deelnam aan deze discussie, omdat zij al wisten van het bestaan van een brief met afspraken voor de komende jaren. Er was op dat moment nog geen sprake van een plek op de kalender in 2020.
Toen de inhoud van de brief uiteindelijk wel bekend werd, hielp dit Zandvoort aanzienlijk, al had de discussie veel energie gekost. Assen speelde hierin een belangrijke rol, waarbij Van Overdijk zelfs werd uitgenodigd om de faciliteiten te komen bekijken. Hij stelt dat hij achteraf, met de kennis van nu, niet naar Assen zou zijn gereden.
“Die hele discussie heeft ons best veel energie gekost. Ik werd vanuit Assen gebeld met de vraag of we een keer langs konden komen om te laten zien hoe mooi het erbij lag. Assen is ook een mooi circuit en de TT is een schitterend evenement. Maar als ik toen had geweten wat ik later wist, was ik niet naar Assen gereden.”
De bewuste brief, rechtstreeks gericht aan Van Overdijk en afkomstig van Chase Carey, liet weinig ruimte voor twijfel over de voorkeur van Formula One Management. Hoe de brief buiten de muren van Zandvoort terechtkwam, weet de circuitdirecteur naar eigen zeggen nog altijd niet. De FOM was echter zeer duidelijk in haar standpunt.
“FOM was heel duidelijk. Als we naar Nederland komen, dan gaan we onderzoeken of we dat in Zandvoort kunnen doen.”
Van Overdijk benadrukt dat een Grand Prix volgens hem ook op een andere Nederlandse locatie succesvol had kunnen zijn. De discussie toonde vooral de enorme groei van de Formule 1 in Nederland aan. Er was een grote behoefte aan een race, ongeacht de locatie.
“Het leek een nationale discussie te worden, maar dat geeft ook aan hoe belangrijk de Formule 1 hier was geworden en hoe groot de fanbase was. Er was een enorme behoefte. Waar die race ook zou komen, als hij maar naar Nederland kwam.”
Nadat Zandvoort de voorkeur had gekregen, begon een nieuw, groot probleem: het circuit geschikt maken voor de moderne Formule 1. Charlie Whiting, destijds F1 Race Director, bezocht Zandvoort en kwam aanvankelijk met een ingrijpend voorstel. Zijn eerste eis was een verlenging van het rechte stuk met 300 meter, wat praktisch onmogelijk bleek vanwege het Natura 2000-gebied.
“Het eerste wat hij zei was: als we hier willen racen, moet het rechte stuk 300 meter langer worden. Dan hadden we over dertig jaar nog geen vergunning gehad, want dan kom je midden in Natura 2000-gebied uit.”
Na het overlijden van Whiting nam Michael Masi het dossier over, wat leidde tot nieuwe eisen en uiteindelijk een gigantische verbouwing. Deze omvatte onder meer de karakteristieke kombochten en nieuwe voetgangerstunnels. Het tempo waarin dit alles werd gerealiseerd, verbaast Van Overdijk jaren later nog steeds. De gehele verbouwing, inclusief alle benodigde aanpassingen, werd in slechts vier maanden voltooid, zonder dat belangrijke sessies van F1 of F2 werden gemist.
“We hebben die hele verbouwing van het circuit, met voetgangerstunnels, twee kombochten en allerlei andere zaken die we moesten bijbouwen, gewoon in vier maanden gerealiseerd.”