Voormalig Formule 1-coureur Johnny Herbert hoopt vurig dat Duitsland snel weer een plek krijgt op de F1-kalender. De Britse analist mist zowel de Hockenheimring als de Nürburgring en benadrukt dat het land te belangrijk is voor de geschiedenis van de koningsklasse om langdurig afwezig te blijven. Ook op de Formule 1-kalender van 2026 ontbreekt een Duitse Grand Prix.
Voor Herbert is de keuze voor een verdwenen race die hij het liefst terugziet dan ook snel gemaakt. Duitsland kende jarenlang een prominente plek binnen de Formule 1, maar de laatste officiële Duitse Grand Prix werd in 2019 op de Hockenheimring verreden, een chaotische regenrace die destijds door Max Verstappen werd gewonnen. Een jaar later keerde de Formule 1 nog eenmaal terug naar de Nürburgring voor de Eifel Grand Prix.
De plek waar ik graag weer een race zou zien, is Duitsland. Het zou geweldig zijn als Hockenheim of de Nürburgring terugkeert op de kalender.
Herbert vindt het opvallend dat een land met zoveel autosporthistorie inmiddels buiten de kalender valt. Beide circuits zijn voor de voormalig Formule 1-coureur onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van de sport en zouden volgens hem ook voor de Europese fanbase een waardevolle toevoeging zijn.
De steun vanuit Duitsland is voor Herbert een belangrijk argument. Vooral in de jaren waarin Michael Schumacher de Formule 1 domineerde, groeide de sport in het land enorm. Tegenwoordig draait het natuurlijk ook om het succes van Mercedes, zo stelt Herbert. De Brit ziet daarom voldoende redenen om Duitsland opnieuw een Grand Prix te geven.
Schumacher speelt vanzelfsprekend een grote rol in de herinneringen van Herbert aan de Duitse Formule 1-jaren. De zevenvoudig wereldkampioen groeide uit tot het grote boegbeeld van de sport in zijn thuisland. Herbert noemt het zonde en eigenlijk ongelooflijk dat de Formule 1 er niet meer komt.
Dat de Formule 1 ondanks die historie niet terugkeert naar Hockenheim of de Nürburgring, heeft volgens Herbert vooral met geld te maken. De Brit denkt dat de kosten voor het organiseren van een race het grootste obstakel vormen. Voor zover hij zich herinnert, had Hockenheim altijd moeite om de vergoeding te betalen die nodig is om een Grand Prix te mogen organiseren.
Volgens Herbert speelde hetzelfde probleem ook bij de Nürburgring, waar de financiële situatie door de jaren heen regelmatig ingewikkeld was. Er zijn door de jaren heen veel dingen gebeurd die verliesgevend zijn geweest, aldus de voormalig coureur. Daarmee wijst Herbert erop dat het voor traditionele Europese circuits niet altijd eenvoudig is om de kosten van een Formule 1-weekend te dragen.
De Nürburgring probeerde volgens Herbert bovendien op andere manieren extra bezoekers en inkomsten naar het circuit te trekken. Daarbij werd niet uitsluitend op autosport ingezet. Ze hebben ooit een soort pretpark neergezet om mensen van buitenaf te trekken, met achtbanen en dat soort dingen, vertelt Herbert. De Brit kijkt met de nodige scepsis terug op die plannen en de manier waarop ze werden uitgevoerd.