De Formule 1 keert voor de laatste keer terug naar Zandvoort. Dit maakt het komende Grand Prix-weekend volgens Jeroen Bleekemolen extra bijzonder. Het is niet alleen de voorlopig laatste Dutch Grand Prix, maar ook een sprintweekend tussen de duinen.
In de Formule 1 Paddockpraat werd vooruitgekeken naar deze laatste editie en de extra druk die dit met zich meebrengt. Bleekemolen merkt dat de coureurs vooral enthousiast zijn over het circuit zelf.
Hij stelt dat de organisatie minder belangrijk is voor de rijders. Volgens de analist staat Zandvoort hoog aangeschreven bij de Formule 1-coureurs.
“Dat zeg ik altijd eigenlijk: als je al die Formule 1-coureurs een top drie of top vijf van circuitjes waar ze heen gaan laat neerzetten, dan zit Zandvoort daar gewoon bij. Ze vinden het allemaal mooi om daarheen te gaan,” aldus Bleekemolen.
Juist omdat het voorlopig de laatste keer is, wil Bleekemolen het weekend écht gaan beleven. Hij wil er extra van genieten, wetende dat het voorlopig niet meer terugkomt.
Het sprintformat maakt het weekend bovendien interessant vanuit sportief oogpunt. Het is volgens hem niet makkelijk om een goede set-up te vinden op Zandvoort.
Bleekemolen voorspelt dat de coureurs er een zware kluif aan zullen hebben. Dit geldt des te meer door de nieuwe technische regels van dit seizoen.
Het is sowieso niet makkelijk nu met de nieuwe regels. Je moet zoeken hoe je oplaadt en dat soort dingen meteen doen, zo legt hij uit.
Daardoor kan de onderlinge verhouding tussen de teams en coureurs gedurende het weekend flink veranderen. Je ziet vaak dat het heel erg wisselt tussen sprint, race en kwalificatie.
De ene heeft het dan goed voor elkaar en dan vervolgens weer niet, benadrukt Bleekemolen. In 2025 won Oscar Piastri de Grand Prix van Nederland.
Dit alles maakt de voorbereiding volgens Bleekemolen cruciaal. Je zal heel handig moeten zijn als team en als coureur, dus dat wordt wel interessant.
Ook Jan Lammers verwacht dat het sprintformat voor extra spanning zorgt. Volgens hem wordt het gevecht op en naast de baan dit jaar een stuk intensiever.
Het gevecht op de baan zal dit jaar een stuk hectischer en stressvoller zijn voor alle teams. Je hebt maar één uur de tijd om je set-up te doen.
Die beperkte voorbereidingstijd kan volgens Lammers snel voor ongeduld zorgen bij de verschillende betrokkenen. Dat creëert toch een klein beetje ongeduldigheid bij de engineers, de monteurs en de rijders.
Vooral wanneer een team tijdens de eerste vrije training tegen problemen aanloopt, kan de druk direct oplopen. Stel voor dat je een probleem hebt op vrijdagochtend.
Waardoor je maar drie rondjes kan rijden, dan moet je gelijk de kwalificatie voor de sprint hebben, zegt de oud-coureur. Dit is weer een bron van extra druk.
Dat zet de druk bij iedereen erop. Dat gaat een aantal mensen gebeuren, zegt hij over problemen op vrijdagochtend. Volgens Lammers zorgt dat voor een bijzonder intensief weekend.
Dat hele weekend zal wel een combinatie zijn van redelijk veel druk op de ketel voor echt de sportieve teams, dus het personeel, benadrukt hij. Het zal niet enkel voor de coureurs zwaar worden in Nederland.
Niet enkel de teams zullen de laatste Nederlandse Grand Prix anders beleven. Ook rondom het circuit wordt volgens Lammers extra uitgepakt.
De mensen die daar allemaal voor het entertainment zijn, voor het evenement, de artiesten noem maar op. Die zullen echt wel denken van: Nou, dit is de laatste keer, dus daar moet ik even werk van maken, verwacht hij ook in dit aspect van het weekend maximale inzet.


